Het belang van glycogeen

Glycogeen is de energie die in onze spieren zit opgeslagen. Glycogeen worden omgezet vanuit koolhydraten. Het is belangrijk om volkoren koolhydraten tot je te nemen. Suikers zijn de ‘verkeerde’ koolhydraten om je glycogeenvoorraad op te bouwen. Ze zijn echter wel nuttig tijdens je trainingsrit, omdat ze sneller opgenomen worden in je bloed.

Om langer hard te kunnen fietsen, is het dus belangrijk dat je glycogeenvoorraad gevuld is. Dit kan je doen door te stapelen in de dagen voor je belangrijke wedstrijd of tocht.

Een andere manier om langer hard te kunnen fietsen, is door je glycogeenvoorraad te sparen gedurende de rit. Dit kan door efficiënter je vetten te gebruiken wanneer de inspanning laag is. Met een low-carb training oefen je dit. Hierbij eet je zo min mogelijk koolhydraten de dag voor de training en fiets je op lage intensiteit je trainingsrit.

Waarom is glycogeen zo belangrijk?

Glycogeen geeft veel energie. Het wordt voornamelijk aangesproken bij hogere inspanning, zoals tijdens een klim, wedstrijd of interval. We kennen drie relevante varianten.


Adenosinetrifosfaat

Adenosinetrifosfaat (ATP) is een speciale energievoorraad die vanuit glycogeen wordt omgezet. ATP kan snel worden omgezet in ADP. Hierdoor ontstaat er kortstondig veel energie. De voorraad is na enkele seconden al verbruikt. Door ATP is het mogelijk om voor korte tijd heel hard te gaan. Door de omzetting van glycogeen middels zuurstof kan de voorraad weer worden aangevuld.


Anaerobe gebruik van glycogeen

Glycogeen wordt omgezet in melkzuur of lactaat wanneer je boven de anaerobe drempel traint. Dit is enkele minuten vol te houden. Beter getrainde renners kunnen deze periode langer maken.

Aerobe gebruik van glycogeen

Wanneer onder de anaerobe drempel getraind wordt, kan je de inspanning langer volhouden. Dit komt omdat hierbij de glycogeen op een duurzame manier gebruikt wordt. Hoe efficiënter je vet verbrandt, des te langer je kan fietsen op je glycogeenvoorraad.